Limburgse
Chemische belasting is vaak minder zichtbaar dan fysieke aantasting, maar kan langdurig doorwerken. Het gaat om uiteenlopende stoffen: gewasbeschermingsmiddelen en biociden, zware metalen, minerale olie, PAK’s, microplastics, PFAS en andere zeer zorgwekkende stoffen (ZZS), maar ook om uitloging uit bouwmaterialen en diffuse afspoeling van wegen, parkeerplaatsen en bedrijventerreinen. Stoffen kunnen via bodem, riool, oppervlaktewater, grondwater of atmosferische depositie in leefgebieden terechtkomen.
Chemische en diffuse verontreiniging van bodem en water
De ecologische effecten verschillen per stof en blootstellingsroute. Mogelijke effecten zijn acute sterfte, verstoring van groei en voortplanting, effecten op insecten en bodemleven, ophoping in organismen en voedselketens en langdurige aantasting van bodem- en waterkwaliteit. Bij bestrijdingsmiddelen is bovendien relevant dat meerdere stoffen tegelijk aanwezig kunnen zijn en dat niet iedere relevante stof even gemakkelijk wordt gemeten.
Chemische en diffuse verontreiniging van bodem en water
De gemeente bepaalt niet de landelijke toelating van gewasbeschermingsmiddelen of biociden. De lokale beïnvloedingsruimte zit vooral in het eigen beheer, de inrichting en materiaalkeuze van de openbare ruimte, regels en vergunningen voor milieubelastende activiteiten waarvoor de gemeente bevoegd is, bodemregels, indirecte lozingen, gebiedsontwikkeling en samenwerking rond probleembronnen.
Minimaliseer chemische bestrijding en biociden waar alternatieven beschikbaar zijn; leg dit ook vast in contracten met beheerders.
Voorkom waar mogelijk uitlogende of emissieve materialen in toepassingen die afstromen naar bodem en water.
Voorkom morsen, afspoeling en ongecontroleerde lozingen; organiseer bodembescherming en opvang.
Beperk bronvervuiling en beoordeel of afstromend water vóór infiltratie behandeling nodig heeft.
Breng grondwaterbeschermingsgebieden, kwetsbare beken, poelen, ecologische verbindingen en andere gevoelige locaties in beeld en stem maatregelen daarop af.
Werk met agrariërs, terreinbeheerders, inwoners en waterbeheerder aan vrijwillige bronreductie, buffermaatregelen en bewustwording waar directe gemeentelijke regulering ontbreekt.
Chemische en diffuse verontreiniging van bodem en water
| Bron | Route naar natuur | Maatregelen die een gemeente kan benutten |
|---|---|---|
| Gewasbeschermingsmiddelen | drift, drainage, afspoeling, atmosfeer | bufferende inrichting, samenwerking/gebiedsafspraken, eigen pacht- of grondvoorwaarden waar passend, monitoring met partners |
| Biociden | afspoeling van gevels/daken, schoonmaakwater, riool | materiaal- en beheerkeuzes, lozingsvoorwaarden, voorlichting, bronaanpak |
| Metalen en PAK’s | wegwater, dak- en gevelmaterialen, bedrijfsactiviteiten | materiaalkeuze, bronbeheersing, filtering/zuivering van vervuild afstromend water |
| Microplastics | banden- en wegslijtage, kunstgras, zwerfafval, riool | bronreductie, beheer, opvang van korrels/deeltjes, voorkomen verspreiding naar kolken en water |
| ZZS/PFAS/industriële stoffen | bedrijfslozing, bodem, riool, grondwater | VTH, maatwerk waar juridisch mogelijk, bodembescherming, ketensamenwerking met waterschap/omgevingsdienst |
Chemische en diffuse verontreiniging van bodem en water
Chemische en diffuse verontreiniging van bodem en water
Volledige chemische monitoring door een gemeente is meestal niet doelmatig. Werk daarom risicogestuurd. Combineer informatie over bronnen en gebruik met meetgegevens van waterschap, provincie, RIVM of landelijke meetnetten. Richt aanvullende metingen op locaties waar bron en receptor logisch verbonden zijn, bijvoorbeeld benedenstrooms van een bedrijventerrein, bij een overstort of in een watergang die intensief agrarisch gebied afwatert.
Gebruik niet alleen de vraag “wordt een norm overschreden?”, maar ook: welke stoffen worden terugkerend aangetroffen, neemt de belasting af, welke routes zijn dominant en welke ecologische waarden zijn aanwezig? Bij bestrijdingsmiddelen kunnen stofspecifieke waterkwaliteitsnormen en risicogrenzen helpen om meetresultaten te duiden; voor niet-genormeerde stoffen is aanvullende deskundige beoordeling nodig.
Chemische en diffuse verontreiniging van bodem en water
Formuleer bronpreventie en een schone bodem- en waterkwaliteit als randvoorwaarde voor biodiversiteit.
Stel binnen de wettelijke ruimte regels aan milieubelastende activiteiten en bodemgebruik; benut maatwerkregels alleen met een concrete juridische en milieuhygiënische onderbouwing.
Controleer opslag, bodembescherming, afvalwaterstromen, emissies en naleving bij relevante bedrijven.
Borg middelengebruik, materiaalkeuze, incidentpreventie en afvalstromen.
Benut voorwaarden op gemeentelijke gronden voor natuurvriendelijk beheer en vermindering van chemische belasting, passend binnen de juridische mogelijkheden.
Verbind gemeente, omgevingsdienst, waterschap, provincie, drinkwaterbedrijf en sectorpartijen rond probleemstoffen en meetgegevens
Chemische en diffuse verontreiniging van bodem en water
“De gemeente hanteert bronpreventie als uitgangspunt voor chemische belasting van bodem en water. Bij gemeentelijk beheer, gebiedsontwikkeling en milieubelastende activiteiten wordt eerst onderzocht of het gebruik of vrijkomen van schadelijke stoffen kan worden voorkomen of vervangen. Bij kwetsbare bodem-, grondwater- en watersystemen wordt extra terughoudend omgegaan met activiteiten die diffuse of moeilijk beheersbare emissies veroorzaken.””
“De initiatiefnemer brengt relevante chemische stoffen en afvalwaterstromen in beeld en beschrijft hoe emissies naar bodem, riool en oppervlaktewater worden voorkomen. Afstromend water wordt alleen geïnfiltreerd wanneer de kwaliteit daarvoor geschikt is; waar nodig wordt bronbeheersing of voorzuivering toegepast.”
Chemische en diffuse verontreiniging van bodem en water
Gebruik de volgende vragen bij beleid, gebiedsontwikkeling, vergunningverlening, beheer of samenwerking:
Vragen of opmerkingen?
We horen graag jouw input over de Toolbox Biodiversiteit Limburg.
Neem contact op